Onpartijdigheid
Onpartijdigheid

Onpartijdigheid

Iedere burger mag erop rekenen dat zijn/haar zaak onpartijdig wordt behandeld. Dat de rechter op basis van onpartijdigheid tot een oordeel komt. Dat de officier van justitie bij de start van een strafrechtelijk onderzoek onpartijdig is, en dus belastende feiten én ontlastende feiten in het strafdossier opneemt. Er is geen plek voor vooroordelen, vooringenomenheid en voorkeuren.

Verschoning

Magistraten nemen hun onpartijdigheid zeer serieus: zelfs de schijn van partijdigheid moet voorkomen worden. Dit is in het belang van de eerlijke rechtspraak. Wanneer er twijfel bestaat over de onpartijdigheid van een rechter, zijn er verschillende opties:

  • De rechter trekt zichzelf terug omdat hijzelf ziet dat mogelijk de onpartijdigheid in het geding is: dit heet verschoning.
  • De rechter wordt gewraakt, omdat een van de partijen meent dat de rechter niet onpartijdig tot een oordeel kan komen.

Overtuiging

De officier van justitie is verantwoordelijk voor het onderzoek voordat de rechtszaak begint. Tijdens dit onderzoek moet hij onpartijdig en onafhankelijk blijven. Gaandeweg moet de officier van justitie tot de overtuiging komen dat de verdachte daadwerkelijk de dader is. Vanuit deze overtuiging gaat hij tot vervolging over en wordt de officier van justitie tijdens het proces dus procespartijdig.

Nevenactiviteiten

Een rechter of officier van justitie heeft naast zijn werk mogelijk ook nevenactiviteiten. Deze activiteiten kunnen verschillend van aard zijn en zouden invloed kunnen uitoefenen op de onpartijdigheid van de magistraat. Omdat iedere schijn van partijdigheid door deze nevenfuncties moet worden voorkomen, is een rechter of officier van justitie zich altijd bewust van de extra verantwoordelijkheid die hierbij komt kijken.

Lees meer over de kernwaarden van de magistraat in de NVvR-rechterscode.