Wetgevingsadviezen

Kinderbescherming (Herziening van de maatregelen van kinderbescherming)

De Minister van Justitie heeft, mede namens de Minister van Jeugd en Gezin, de NVvR op 19 november 2007 om advies gevraagd over het conceptvoorstel van Wet tot Wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering en de Wet op de jeugdzorg in verband met de herziening van de maatregelen van kinderbescherming.  

Omstandigheden

Uitgangspunt van het onderhavige wetsvoorstel is het recht van het kind op een gezonde en evenwichtige ontwikkeling en groei naar zelfstandigheid. Uitgaande van het belang van het kind, dient de huidige kinderbeschermingswetgeving te worden herzien zodat voortaan die maatregel kan worden gekozen die het meest aansluit bij de omstandigheden waarin de minderjarige zich bevindt.  

Onbedreigd opgroeien

De grond voor de ondertoezichtstelling (ots) van minderjarigen wordt verruimd. Een kinderrechter kan een minderjarige onder toezicht stellen indien dit noodzakelijk is voor het onbedreigd opgroeien van de minderjarige en de zorg die in verband hiermee is aangewezen, niet of onvoldoende wordt geaccepteerd. De nieuwe grond maakt het mogelijk om ook kinderen met relatief lichte problemen onder toezicht te stellen. De kinderrechter moet in de beschikking voor de ots, naast de grond, ook de doelen voor de uitvoering van de ots vast stellen. De doelen dienen te worden geformuleerd in de vorm van gewenste ontwikkelingsuitkomsten. De gezinsvoogdijwerker stelt de concrete werkdoelen vast in het plan van aanpak. Indien de ouder het hiermee niet eens is en niet wil meewerken, kan een schriftelijke aanwijzing in het kader van de ots worden opgelegd.  

Ouderlijk gezag

Ook wordt de uitvoering van de ots vereenvoudigd, zodat eerder in het gezin kan worden ingegrepen. De kinderrechter kan op verzoek het ouderlijk gezag op specifieke punten overdragen aan het bureau jeugdzorg indien een minderjarige uit huis is geplaatst, bijvoorbeeld bij aanmelding bij een onderwijsinstelling.  

Derden

Verder wordt de gegevensuitwisseling tussen instellingen in de jeugdzorg bij een lopende ots eveneens vereenvoudigd. Zo krijgt het bureau jeugdzorg/Nidos het recht om zonder toestemming van de ouders, van wie het kind onder toezicht is gesteld, informatie op te vragen bij derden. Daarbij moet worden gedacht aan informatie over de ontwikkeling en/of opvoedingssituatie van de minderjarige en/of opvoedingsgerelateerde informatie betreffende de ouder.  

Knelpunten wegnemen

De NVvR meent, met de opstellers van dit wetsvoorstel, dat het wetsvoorstel inderdaad een aantal geconstateerde knelpunten in de kinderbeschermingspraktijk wegneemt. Desalniettemin heeft de NVvR nog enkele opmerkingen en vragen die in het advies in de bijlage uiteen zijn gezet.