Wetgevingsadviezen

Extraterritoriale rechtsmacht (Herziening regels inzake extraterritoriale rechtsmacht in strafzaken)

De Minister van Veiligheid en Justitie heeft op 6 maart 2012, mede op verzoek van de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, de NVvR in de gelegenheid gesteld om te reageren op het conceptwetsvoorstel tot herziening van de regels inzake extraterritoriale rechtsmacht in strafzaken.

Versterking

Volgens de memorie van toelichting beoogt het wetsvoorstel, tezamen met het ontwerpbesluit, de bestaande wettelijke voorzieningen betreffende de uitoefening van extraterritoriale rechtsmacht door Nederland in strafzaken te herstructureren en aan te vullen. Hierbij zijn drie uitgangspunten gehanteerd:

  • de versterking van de beschermende functie van de Nederlandse strafwet;
  • het ongedaan maken van het bestaande onderscheid in rechtsmacht over Nederlanders en in Nederland woonachtige vreemdelingen, waar het gaat om in het buitenland begane misdrijven;
  • het vergroten van toegankelijkheid van de rechtsmachtregeling.

Bezwaren

De NVvR is van mening dat het wetsvoorstel over het algemeen een verbetering betekent, zeker wat betreft de systematiek van de voorgestelde wijziging van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr.). Echter, de NVvR ziet ook bezwaren die in het advies in de bijlage uiteen zijn gezet.