Wetgevingsadviezen

Videoconferentie (Advies inzake het ontwerpbesluit tot wijziging van het besluit videoconferentie)

De Minister van Justitie heeft de NVvR op 2 mei 2005, mede namens de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie, om advies gevraagd over het ontwerpbesluit houdende algemene eisen ten aanzien van het horen van personen per videoconferentie.

Horen

Het ontwerpbesluit verschaft de mogelijkheid om een vreemdeling op afstand – per videoconferentie – te horen in een beroepsprocedure tegen een vrijheidsontnemende maatregel. Het is gebaseerd op artikel 97 van de Vreemdelingenwet 2000, dat bepaalt dat bij algemene maatregel van bestuur nadere regels kunnen worden gesteld ten aanzien van de wijze van horen van de vreemdeling.

Het ontwerpbesluit stelt vier voorwaarden waaraan een gehoor per videoconferentie moet voldoen:

  • De betrokken personen moeten een natuurgetrouwe weergave krijgen van hetgeen zich in de andere ruimte afspeelt;
  • De betrokken personen moeten met elkaar kunnen overleggen zonder dat dit voor derden hoorbaar is;
  • De betrokken personen moeten stukken kunnen uitwisselen;
  • Het systeem moet zijn beveiligd tegen manipulatie.

Introduceren

De NVvR heeft met belangstelling kennis genomen van het voorliggende ontwerpbesluit dat het horen per videoconferentie beoogt te introduceren in het vreemdelingenrecht, maar plaatst hier enkele kanttekeningen bij die in de bijlage nader uiteen zijn gezet.