Wetgevingsadviezen

Middelentest bij geweld (Advies invoering middelentest bij geweld)

De Minister van Veiligheid en Justitie heeft de NVvR op 17 augustus 2012 om advies gevraagd over het conceptwetsvoorstel invoering middelentest bij geweld. Voorgesteld wordt in het wetboek van strafvordering (hierna Sv) twee nieuwe bepalingen in te voegen. Allereerst een artikel 56a Sv, dat voorziet in de bevoegdheid van een opsporingsambtenaar een bevel te geven aan een staande gehouden of aangehouden verdachte om medewerking te verlenen aan een voorlopig onderzoek van uitgeademde lucht ter vaststelling van gebruik van alcohol, of een onderzoek van speeksel of naar de psychomotorische functies en de oog- en spraakfuncties ter vaststelling van gebruik van ‘middelen’.

Analogie

Blijkens de memorie van toelichting wordt met die term vooral bedoeld speed (amfetamine) en cocaine. Het voorgestelde nieuwe artikel art. 56a Sv bouwt voort op het voorlopig onderzoek naar uitgeademde lucht. Het geeft de opsporingsambtenaar de bevoegdheid de verdachte te bevelen medewerking te verlenen aan een nader onderzoek van uitgeademde lucht. De analogie met het ademonderzoek in de Wegenverkeerswet is hier evident.

Verdenking

De bevoegdheid wordt uitsluitend verleend wanneer sprake is van verdenking van een misdrijf gericht tegen of dat gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. Met dit voorstel komt de minister tegemoet aan een wens van de Tweede Kamer (de motie-Marcouch) over middelengebruik als zelfstandig straf verhogend element bij geweld.

De NVvR plaatst verscheidene kanttekeningen bij het wetsvoorstel die in de bijlage nader uiteen zijn gezet.